'Het wordt gewoon een beetje donker en de boot schommelt een klein beetje, dat is alles'

Boot-Piet

Sinterklaas stond aan dek van Pakjesboot 15. Ze voeren nog steeds op zee. Je zag geen ander schip en je zag ook geen land, ze waren echt helemaal alleen. Sinterklaas keek in de verte en genoot van de rust. Hij hield zijn hand boven zijn ogen en tuurde in de verte. Het leek wel of er een donkere lucht aankwam, maar hij wist dat niet zeker. De zon scheen volop, het kon bijna niet dat er regen kwam, zo fijn warm was het aan dek. Sinterklaas draaide zich om en wandelde naar de stuurhut om een praatje te gaan maken met Boot-Piet.

'Sinterklaas, Sinterklaas!' Daar kwamen Regel-Piet en Bak-Piet aan. Ze liepen arm in arm over het dek naar de sint toe.
'Zo Pieten-mannen, zijn jullie een eindje aan het wandelen op het dek?'
Regel-Piet knikte. We lopen twintig rondjes over het dek. Lopen is gezond.'
'Lopen is zeker gezond,' wist Sinterklaas. 'Ik vind het heel goed van jullie. En hoeveel rondjes hebben jullie gelopen?'
Bak-Piet telde op zijn vingers: 'Negentien. Nu moeten we nog één rondje en dan hebben we er twintig gedaan.'
'Ik ben nu al trots op jullie,' zei Sinterklaas. 'Weet je wat we zullen doen? Ik ga even bij Boot-Piet kijken en als jullie je klaar zijn met rondjes lopen, dan gaan we met z'n allen chocolademelk drinken in de stuurhut bij Boot-Piet. Dat zal hij gezellig vinden.'
Regel-Piet en Bak-Piet klapten in hun handen. 'Ja, dat gaan we doen,' zei Regel-Piet. Bak-Piet begon alvast het laatste rondje te rennen. Des te eerder kon hij naar de kombuis om de chocolademelk te maken.

Sinterklaas deed de deur open van de stuurhut en ging naar binnen. Boot-Piet stond aan het roer. 'Ha Sinterklaas, komt u even bij me buurten? Dat vind ik leuk,' zei Boot-Piet.
Sinterklaas ging naast Boot-Piet staan. 'Wat een fijne reis hebben we, vind je ook niet Boot-Piet? De zee is zo glad als een spiegel, de zon schijnt en het is lekker warm. Beter kunnen we het niet hebben.'
Boot-Piet knikte. 'U heeft helemaal gelijk, Sinterklaas. Maar ik moet wel waarschuwen dat het weer niet zo mooi blijft. De barometer staat op veranderlijk en dat betekent dat er ander weer aankomt.'
'Dan heb ik het toch goed gezien,' zei Sinterklaas. 'Ik dacht al dat ik in de verte donkere wolken zag.'
'Dat heeft u inderdaad goed gezien. Maar het is niet erg, hoor. Misschien wat regen, meer zal het niet zijn. Hier is mijn verrekijker, Sinterklaas. Dan kunt u het beter zien.'
Sinterklaas keek door de verrekijker en zag nu heel goed dat er donkere wolken aankwamen. En ze kwamen nog best snel ook.
'We zullen maar niets tegen Ongerust-Piet zeggen,' zei Boot-Piet. 'Want die maakt zich dan direct weer ongerust. En dat voor een paar druppeltjes regen. Soms krijg ik weleens het habbiebabbie van die Ongerust-Piet.'
'Kom, kom, Boot-Piet, het is niet netjes om te praten over de andere Pieten als ze er niet bij zijn. Maar ik snap wel dat je soms weleens het habbiebabbie krijgt van Ongerust-Piet. Maar je moet maar zo denken: hij kan er ook niets aan doen dat hij zo is. Hij is nu eenmaal heel snel bezorgd. Over alles.'

Sinterklaas en Boot-Piet stonden nog te praten in de stuurhut toen ineens de Pakjesboot een beetje begon te schommelen.
Boot-Piet stond stevig op de grond. Hij was wel gewend aan het schommelen van het schip, maar Sinterklaas schrok een beetje en stootte per ongeluk tegen Boot-Piet aan.
Boot-Piet moest er om lachen. 'Sinterklaas, gaat u maar zitten op de stoel want u bent niet gewend aan het schommelen van het schip.'
Sinterklaas ging snel op de stoel zitten. Hij wees naar buiten. 'Kijk Boot-Piet, daar komt het slechte weer aan. De zon gaat weg en het gaat steeds harder waaien.'
'Niks aan de hand,' suste Boot-Piet. 'Het wordt gewoon een beetje donker en de boot schommelt een klein beetje, dat is alles.'

Er werd op de deur van de stuurhut geklopt. 'Binnen!' riep Boot-Piet. Boot-Piet had een hele luide stem.
Daar kwam Bak-Piet binnen met een dienblad vol mokken chocolademelk. 'Daar ben ik dan,' riep Bak-Piet vrolijk. Hij liep met het dienblad naar Sinterklaas en Boot-Piet maar o, nee! Er rolde een hoge golf tegen de Pakjesboot die erg begon te schommelen. Bak-Piet kon zijn evenwicht niet houden en hoppa, daar viel hij met het dienblad tegen Boot-Piet aan. Alle bekers vielen op de grond en de chocolademelk spetterde overal tegenaan. Sinterklaas had allemaal bruine chocolademelkvlekken op zijn baard. En Boot-Piet zat bijna helemáál onder de chocolademelk. Zijn Pietenpak was eerst geel, maar nu bruin en hij had chocolademelk in zijn haar en op zijn schoenen.
'Sorry, sorry,' riep Bak-Piet. 'Ik liep hier en ineens kwam er een golf en gingen we schommelen en toen…'
'Ja, Bak-Piet, we weten wat er gebeurde.'
'Sorry, sorry,' zei Bak-Piet. En nog een keer: 'Sorry,' voor de zekerheid.
Weer werd er op de deur van de stuurhut geklopt en daar kwam Regel-Piet met de trommel met speculaasjes. 'Hier ben ik!' riep hij en hij wilde naar Sinterklaas lopen, maar hij gleed uit over een plas chocolademelk. Regel-Piet viel en liet van schrik de trommel met speculaasjes vallen. Het deksel vloog eraf en alle speculaasjes lagen op de grond in de chocolademelk.
Toen Sinterklaas de Pieten zo beteuterd zag kijken moest hij erg lachen. 'Vooruit,' zei Sinterklaas. 'We gaan gewoon opnieuw beginnen. Ik lust wel een beker chocolademelk. En jullie?'

Morgen deel 14